Schrijfopdracht: Een moment waarop je niet kreeg wat je wilde. #131 van 365 dagen schrijven.
Ik denk dat het het jaar 1997 was, dat wij met het hele gezin eerder vanaf de camping in Frankrijk terug naar Nederland vertrokken, omdat ik met mijn vriendengroep naar Terschelling zou gaan. Alleen eenmaal thuisgekomen bleek bijna niemand meer te mogen. Er waren nog maar twee anderen die wel mochten. We hadden alleen kleine tentjes, dus met z’n drieën in één tent was geen optie, en alleen in een tentje mocht niet. De conclusie was dus: ik kon niet mee.
De reden dat niemand meer mocht, was omdat we straf hadden. Wij waren in die tijd iets te rebels en al onze ouders waren zelfs samengekomen om dit te bespreken. Onze eerste straf was 1:00 uur thuis i.p.v. 1:30 uur thuis. Dat was voor ons echt verschrikkelijk, want wij gingen vaak naar een discotheek en het laatste half uurtje, van 1:00 uur tot 1:30 uur, was natuurlijk het allerleukste. En bijna niemand mocht dus meer mee op vakantie.
In die tijd waren emoties maar lastig en begreep ik ze ook totaal niet, maar ik was eigenlijk best wel boos dat ik niet mee kon. Voor mijn gevoel deden de anderen totaal geen moeite om tot een passende oplossing te komen, alsof ze me niet mee wilde. Zij gingen dus lekker op vakantie, en ik niet. Ik ben daar echt nog verschrikkelijk lang boos over geweest, al heb ik dat volgens mij nooit laten blijken.
